direct naar inhoud van Artikel 3 Bedrijf
Plan: Kruisstraat 39a Rosmalen
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0796.0002076-1301

Artikel 3 Bedrijf

3.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. bedrijven zoals genoemd in de bij deze regels als bijlage behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging;
  • b. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning', tevens voor een (bedrijfs)woning;
  • c. aan de hoofdfunctie ondergeschikte verkeers- en groenvoorzieningen, water, waterhuishoudkundige voorzieningen, tuinen, erven en terreinen;

met uitzondering van geluidszoneringsplichtige inrichtingen.

3.2 Bouwregels
3.2.1 Algemeen

Parkeervoorzieningen dienen in voldoende mate op eigen terrein te worden gerealiseerd.

3.2.2 Bedrijfsgebouwen

Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd;
  • b. het maximum bebouwingspercentage zoals aangeduid in de bestemming, mag niet worden overschreden; indien geen maximum bebouwingspercentage is aangeduid, mag het bouwvlak volledig worden bebouwd;
  • c. de maximale goothoogte zoals aangeduid in de bestemming, mag niet worden overschreden;
  • d. de maximale bouwhoogte zoals aangeduid in de bestemming, mag niet worden overschreden.
3.2.3 Bedrijfswoning

Binnen deze bestemming is maximaal één bedrijfswoning per bedrijf toegestaan met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de bedrijfswoning dient binnen het bouwvlak met de aanduiding 'bedrijfswoning' te worden gebouwd;
  • b. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd;
  • c. de maximale goothoogte zoals aangeduid in de bestemming, mag niet worden overschreden;
  • d. de maximale bouwhoogte zoals aangeduid in de bestemming, mag niet worden overschreden;
  • e. de bedrijfswoning dient te zijn voorzien van een hellend dakvlak waarbij de hoogte van de kap niet meer mag bedragen dan 5 meter.
3.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Binnen deze bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de maximale bouwhoogte van terrein- en erfafscheidingen bedraagt van af de voet gemeten 1 meter, tenzij de afscheiding achter de voorgevelrooilijn wordt geplaatst. In geval de plaatsing achter de voorgevelrooilijn geschiedt, bedraagt de maximale bouwhoogte 2 meter;
  • b. de maximale bouwhoogte van kunstobjecten en bouwwerken ten behoeve van de verlichting bedraagt 6 meter;
  • c. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 3 meter.
3.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van:

  • a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld;
  • b. de verkeersveiligheid;
  • c. de milieusituatie;
  • d. de sociale veiligheid;
  • e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
3.4 Ontheffing van de bouwregels
3.4.1 Ontheffing met betrekking tot de parkeervoorzieningen

Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde onder 3.2.1, mits:

  • a. de noodzakelijke parkeervoorzieningen op eigen terrein in onvoldoende mate kunnen worden gerealiseerd en op andere wijze in de parkeerbehoefte wordt voorzien; en
  • b. de situering van de parkeerplaatsen het stedenbouwkundig beeld van de omgeving, de verkeersveiligheid en gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden niet onevenredig aantast.
3.4.2 Ontheffing met betrekking tot kap bedrijfswoning

Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde onder 3.2.3 onder e, ten behoeve van oprichten van een lessenaarsdak, met een dakhelling van 15º tot 75º en waarvan de hoogte maximaal 5 meter mag bedragen, mits het stedenbouwkundig beeld van de omgeving niet onevenredig wordt aangetast.

3.4.3 Ontheffing bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 3.2.4 met betrekking tot de voorgeschreven maximum bouwhoogte voor erfafscheidingen tot 1,5 meter respectievelijk 2,5 meter, uitsluitend voor open, pergola-achtige constructies.

3.5 Specifieke gebruiksregels
  • a. Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving.
  • b. Onder een strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik van de gronden binnen de aanduiding 'tuin' voor opslag, al dan niet voor verkoop alsmede voor stort-, lozings- of bergplaats van goederen.
3.6 Ontheffing van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde in 3.5 ten behoeve van de uitoefening van bedrijfsactiviteiten, die hoewel gelet op de milieubelasting naar aard en invloed op de omgeving gelijkwaardig zijn aan de bedrijfsactiviteiten als bedoeld in 3.1, niet in de Staat van bedrijfsactiviteiten - functiemenging wordt genoemd, mits het geen geluidszoneringsplichtige inrichtingen betreft. Bij de beoordeling van de aard en invloed van de milieubelasting van een bedrijf dienen de volgende milieubelastingcomponenten mede in de beoordeling te worden betrokken: geluid, geurproductie, stofuitworp en gevaar, waarbij tevens kan worden gekeken naar de verontreiniging van lucht en bodem, de diversiteit en het al dan niet continue karakter van het bedrijf en de visuele hinder en verkeersaantrekkende werking.