direct naar inhoud van 5.1 Beleid voor integraal waterbeheer
Plan: Mariaburg
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0796.0002135-1401

5.1 Beleid voor integraal waterbeheer

Integraal waterbeheer beoogt een duurzaam en veerkrachtig watersysteem, waarbij kansen worden benut en functies zoveel mogelijk worden gecombineerd. Beleidsdoelen voor integraal waterbeheer zijn door de gemeente vastgesteld in het Waterplan 2 (2009). Het is een visiedocument dat is onderschreven door de verschillende actoren op het gebied van water in en rondom de stad. Het Waterplan 2 beschrijft de wijze waarop 's-Hertogenbosch een mooi, robuust en klimaatbestendig watersysteem zal houden, nu en in de toekomst.

Het waterbeheerplan van Waterschap Aa en Maas uit 2010 beschrijft de hoofdlijnen voor het te voeren beleid voor de periode 2010-2015, met een doorkijk naar 2027. Hierin zijn 8 uitgangspunten geformuleerd:

  • 1. Wateroverlastvrij bestemmen;
  • 2. Gescheiden houden van vuil water en schoon hemelwater;
  • 3. Doorlopen van de afwegingsstappen: 'hergebruik - infiltratie - buffering - afvoer';
  • 4. Hydrologisch neutraal ontwikkelen: compenseren van verhardingstoenamen;
  • 5. Water als kans;
  • 6. Meervoudig ruimtegebruik;
  • 7. Voorkomen van vervuiling;
  • 8. Waterschapsbelangen, zoals de Keur en zoneringen.

In ruimtelijke plannen binnen de gemeente 's-Hertogenbosch worden bovenstaande uitgangspunten zoveel mogelijk meegenomen in de besluitvorming. Hoe dat voor onderhavig plan wordt gedaan, is beschreven in onderstaande paragrafen.

Voor dit gebied in het bijzonder geldt dat het in een grondwaterbeschermingszone ligt. Hierdoor is de Provinciale Milieuverordening van de provincie Noord-Brabant van kracht, om ervoor te zorgen dat afstromend hemelwater dat wordt geïnfiltreerd, het grondwater niet kan verontreinigen.

5.1.1 Huidige situatie

Het plangebied ligt ten zuidoosten van Rosmalen, op een dekzandrug met een oost-westelijke strekking. Het gebied ligt daardoor iets hoger dan de percelen ten noorden van de spoorlijn Nijmegen – 's-Hertogenbosch, met gemiddelde waarden tussen 4,5 en 5 meter boven NAP. Echter, de percelen waar woningbouw is gepland, liggen door afgravingen tot 1 meter lager: de gemiddelde maaiveldhoogte is 4 meter boven NAP.

5.1.2 Oppervlaktewater

Oppervlaktewater is van oudsher nauwelijks aanwezig in Rosmalen. Door de hoge ligging op een zandige ondergrond infiltreert het meeste hemelwater, hoewel het door de lokale grondslag kort op het oppervlak kan blijven liggen. Ten noorden van het plangebied ligt langs de spoorbaan 's-Hertogenbosch – Nijmegen een watergang, die is aangesloten op een afwateringsroute richting het noorden. Echter, in en rondom het plangebied liggen geen doorgaande watergangen. Alleen langs de oostkant van het plangebied loopt een droogvallende watergang, welke niet op peil gehouden wordt.

5.1.3 Grondwater

De stroming van het freatische grondwater is noordwestelijk gericht. De grondwaterstand wordt sterk beïnvloed door de waterstand van de noordelijk gelegen rivier de Maas. De grondwaterstanden in de naburige meetpunten ten zuidwesten, zuidoosten en noordoosten schommelen tussen de 2,5 en 4 meter boven NAP. De aanvulling van het grondwater in de nabijgelegen natuurgebieden is gering, mede door de toegenomen bebouwing. Hierdoor is er sprake van verdroging.

5.1.4 Riolering

In het plangebied ligt momenteel geen riolering. In de buurt liggen persleidingen, om het afvalwater af te voeren.