direct naar inhoud van 2.2 Vigerend bestemmingsplan
Plan: Omgevingsvergunning Orthen-Links, fase Nul - 50 appartementen
Status: vastgesteld
Plantype: projectbesluit
IMRO-idn: NL.IMRO.0796.0002197-1401

2.2 Vigerend bestemmingsplan

Het bestemmingsplan 'Partieel herzieningsplan Orthen (Van Herpensweide)', op 12 september 1958 vastgesteld door de gemeenteraad, is het geldende bestemmingsplan voor de beoogde gronden. De bestemmingen zijn 'Openbaar Groen', 'Speelterrein' en 'Openbare of Bijzondere Gebouwen'. Het gebruik en bouwen van het appartementengebouw, de aanleg van de parkeerplaatsen en ontsluiting als ook de wadi zijn strijdig met de bestemmingen uit het bestemmingplan met bijbehorende regels uit de 'Bebouwingsverordening der gemeente 's-Hertogenbosch'.

Ten tijde van het opstellen van dit voorstel en ruimtelijke onderbouwing wordt het actualisatiebestemmingsplan 'Noord' voorbereid ter vaststelling door de gemeenteraad in december 2012/begin 2013. Onderhavige gronden vallen binnen dit bestemmingsplan en zijn hierin bestemd als 'Groen' en 'Maatschappelijk'. Ook binnen dit bestemmingsplan is realisatie van het appartementencomplex niet mogelijk.

Daarnaast ligt het bouwplan in de geluidszone van het vastgestelde bestemmingsplan 'Geluidszone bedrijventerrein De Rietvelden-Ertveld'. Bestemmingsplan ‘Geluidszone bedrijventerrein De Rietvelden-Ertveld’ legt de geluidzone vast die een buffer vormt tussen de bedrijven op het industrieterrein en de geluidgevoelige bestemmingen in de omgeving. Het bestemmingsplan dient enerzijds ter bescherming van de geluidgevoelige objecten rond het industrieterrein De Rietvelden-Ertveld, zoals woningen en onderwijsgebouwen. Anderzijds dient het ter bescherming van de geluidruimte voor de bedrijven. Buiten deze zone mag de geluidbelasting vanwege alle bedrijven op het industrieterrein tezamen niet hoger zijn dan 50 dB(A). Binnen deze zone gelden beperkingen voor geluidgevoelige bestemmingen. Om te voorkomen dat nieuwe geluidgevoelige objecten een te hoge geluidbelasting hebben en om te voorkomen dat de geluidruimte van bedrijven wordt aangetast, is in het bestemmingsplan geregeld dat geluidgevoelige objecten alleen zijn toegestaan als ze voldoen aan de voorkeursgrenswaarde of aan een vastgestelde hogere grenswaarde. Hieraan wordt voldaan door het vaststellen van een hogere grenswaarde (zie 5.4.3).